maandag 21 juli 2014

The Machu Picchy Industry

Wanneer je naar Peru gaat, moet je natuurlijk Machu Picchu gezien hebben. Dat is wat elke gids zegt. Maar wat het meest interessant is, is de toeristen-industrie rondom deze Inca-stad.

Een trip naar MP begint voor velen in Cusco. Of voor de echte diehards op internet, want de beroemde Incatrail is al maanden van te voren volgeboekt. Maar er zijn veel alternatieven. Wanneer je Cusco binnen rijdt, kom je eerst door het échte Cusco: de voor een arme omgeving karakteristieke betonnen straten met veel gaten, kleine vervallen huizen en vooral overal troep. Van bouwmateriaal tot huisvuil, met bijbehorende roedels van straathonden (allemaal vuilnisbakkies). En te midden van deze chaos zijn er overal winkeltjes die hetzelfde verkopen, tot rauw vlees open en bloot op een tafel aan de straat aan toe. Maar dat laat je al snel achter voor een historisch centrum  met straten van kasseien en een prachtig onderhouden plein. Rondom dit plein staan twee in het oog springende kerken en voor de rest gerestaureerde oude gebouwen. In deze gebouwen huizen met name reisbureaus en heel onopvallend alle multinationals die je in de rest van de wereld vindt (KFC, McDonald’s, Starbucks, etc). Dus ver weg van de realiteit van Cusco.



Elke tweede persoon spreekt je aan: massages, truien, mutsen, handschoenen (overigens geen overbodige luxe, want zodra de zon weg is, is het k-k-k-koud!), zonnebrillen en natuurlijk tours naar Machu Picchu. Uiteindelijk wil iedereen een graantje meepikken van de enorme stroom toeristen.

Op de dag dat onze tweedaagse MP trip begon bleek dat de taxibus vol zat met mensen die bij verschillende bureaus geboekt hadden, elk met hun eigen prijs. Mocht het nog niet duidelijk zijn hoe de toeristenindustrie is toegeslagen in Cusco, dan bleek het wel uit hoe de taxi ons naar de volgende bestemming bracht. Er was geen minuut tijd om te genieten van het ontzagwekkende uitzicht (bijvoorbeeld een korte pauze boven op de top van de pas op 4300 meter hoogte, letterlijk boven de wolken die dag). 
Nee, vamos, vamos, vamos. En scheuren dat die gast deed. De lunch was een aanfluiting; we hebben wel geleerd dat de Spaanse interpretatie van al dente pasta ongekookte pasta is. Onderweg pikte de chauffeur nog vijf extra reizigers op, waardoor twee mensen op de grond in de auto moesten zitten, terwijl hij het extra geld nog eens natelde voordat hij het in eigen zak stak.

Over een bijzonder slechte weg kwamen we uren later eindelijk aan bij Hydroeletrica, een gehucht dat zijn naam dankt aan de electriciteitscentrale die er staat. Hier is het begin van de trainrails en de wandeling naar Aguas Calientes, een voor ons op dat moment nog onbekend plaatsje.
Bij aankomst leek het dorpje nog het meest op een uit de grond gestampt skidorp zoals je ze vindt in de Franse Alpen. Niets authentieks te vinden, behalve de natuurlijke warm-water bronnen. Vervolgens een ruim uur gewacht op de gids, die daarna nog een halfuur nodig had om enige orde in zijn eigen chaos te scheppen. In gebroken Engels leidde hij ons naar het hostel, waar vervolgens ter plekke de kamerindeling werd verzonnen. Het was een wonder dat stelletjes bij elkaar belandden... Uit niets bleek dat hij doorhad te maken te hebben met mensen die dit voor de eerste en waarschijnlijk laatste keer doen. Of misschien juist wel, getuige het lopende bandwerk van het niveau van de Cambodjaanse telefoons van Samcung Gaiaxy. In een restaurant vergeven van de kakkerlakken aten we een zeer goedkope maaltijd voordat we tussen de klamme lappen doken.

In de hele vroege ochtend (4:00u) kregen we ontbijt en konden we gaan lopen richting MP, dat om 6 uur de poorten zou openen. Toen wisten we nog niet dat de brug die over de rivier ligt pas om 5:00u open ging. Doordat we zo vroeg waren, stonden we wel zo goed als vooraan, terwijl de rij mensen langzaam aangroeide. Dit alles in het pikkedonker.

De klim omhoog in deze jungle-achtige omgeving had iets weg van het videospel Far Cry, met het verschil dat je niemand neer hoefte te knallen. De brug met bewakers ging open op vertoon van de juiste papieren en gaan met die banaan. Het pad was een serieuze klim 500 hoogtemeters, 4 kilometer lang, met honderden anderen hijgend in je nek. Een ruim halfuur later hoorde je het gegrom van de eerste bussen (waarvoor je ook uren in de rij moest staan) die aan hun klim begonnen onheilspellend aanzwellen ergens onder je; het enige dat te zien was ver beneden was de verlichte brug en wat koplampen die door de bladeren van de bomen schenen. 

Boven je zag je contouren van de bergtoppen; een mooi gezicht en tegelijk het besef dat je nog heel wat te klimmen had. Ondertussen was een vreemde combinatie van saamhorigheid en concurrentie ontstaan tussen de klimmers; iedereen wist dat hoe eerder je boven kwam, hoe groter de kans dat je het ultieme doel kon bereiken, maar tegelijk wist je ook wel dat je vroeg genoeg was om het samen te kunnen beleven. Het gecultiveerde ultieme doel is natuurlijk de foto van MP zonder andere mensen erop! Dat je dit ook op Google kunt vinden, maakt niet uit. Iets voor zessen stond er bovenaan al een rij van 500 opgetogen mensen te wachten om naar binnen te mogen. 



Toen de deuren open gingen en we op weg gingen naar de plek waar we allemaal al honderden foto’s van hebben gezien, werd de spanning perfect opgebouwd door een slingerend pad omhoog. Het laatste gedeelte was afgeschermd door bomen, dus zodra je uit deze rij met bomen stapt, zie je voor je wat je al zo goed kent: de ruïnes van Machu Picchu. Er ontstond een uitgelaten sfeer tussen de mede-klimmers en natuurlijk maakt je dan foto’s van en voor elkaar.



Daarna nog driekwartier wachten op de zonsopgang onder begeleiding van de stroom mensen die net als jij deze dag hebben uitgekozen om naar MP te gaan. En dat zijn er veel! Heel veel... Na twee uur stonden alle ruïnes vol met mensen en hun gids, herkenbaar aan een gekleurd vlaggetje. Toen wij om 10:30u het wel hadden gezien, kwam de ontzettende mensenstroom naar binnen pas echt op gang. Wij liepen alweer naar beneden, om in het nepdorpje voor veel te veel geld heel slecht eten te bestellen.

Machu Picchu is prachtig en de omgeving is adembenemend mooi, maar de industrie er omheen maakt dat je je meer in Disneyworld waant dan in een historisch-archeologische plek. 2500 mensen per dag is gewoon te veel. De 500 mensen die elke dag de Incatrail lopen zouden eigenlijk de enigen moeten zijn die er mogen komen, niet in de laatste plaats omdat deze historische plek erg kwetsbaar is; misschien niet eens geschikt voor massatoerisme. Die tocht is echt zwaar naar ik heb gehoord en maakt de beleving een stuk authentieker. Misschien samen met een alternatief route. De mensen die werken in het toerisme weten dat de meeste bezoekers toch maar één keer komen, dus de service zal hun een zorg zijn. Totdat Tripadvisor en dergelijke nog meer exposure krijgt, zodat het hopelijk wat normaliseert.

-------English ----------
When you visit Peru, you have to see Machu Picchu. That is what every book tells you. But what might be even more interesting is the tourist industry around this Inca city.

A trip to Machu Picchu starts for many in Cusco. Or for the real die-hards on the internet, because the famous Inca trail is booked months and months in advance. But there are many alternatives. When you enter Cusco, you first see the real Cusco: concrete streets with many holes, small ruined houses and lots of litter, typical for a poor environment. From construction waste to home garbage, with the complementary groups of stray dogs fighting for their food and territory. In the middle of this there are little stores everywhere selling the same products, even raw meat out in the open on tables at the sidewalk. But when the bus continues, you will leave that behind and enter the historic centre, with cobble stone streets and a nicely maintained square. This square is surrounded by two large churches and old restored houses. In these buildings you will mainly find travel agencies and very discrete all multinationals from the rest of the world (KFC, McDonald’s, Starbucks, etc.). So far away from the reality of Cusco.

Every second person approaches you with a purpose: massages, sweaters, hats, gloves (which is not an unnecessary luxury, because when the sun is gone it gets c-c-c-cold!), sunglasses and of course all kinds of tours to Machu Picchu. Ultimately everyone wants to benefit from the enormous flood of tourists.

At the day our two-day MP trip began, it turned out that the van was filled with people that had booked at different agencies, each with their own conditions. If it was not clear how the tourist industry has hit Cusco, the way the taxi transported us to our destination did. There was not a minute to enjoy the spectacular views (for example a short stop at the peak at 4300 meters, literally above the clouds that day). No, vamos, vamos, vamos. And what a heavy foot that driver had! The lunch was a disgrace; the one thing we learned was that the Spanish interpretation of al dente pasta is uncooked pasta. Halfway the driver allowed five more travellers in the van, so two persons had to sit on the floor of the bus. All the extra money went directly into his own pockets.

Over a very bad road hours later we finally arrived at Hydroelectrica, a hamlet that owes its name to the power plant there. This is the start of the train tracks to Aguas Calientes, unknown to us at that moment. At arrival it turned out to be an artificial village like the ski villages you can find in the Alpes. Nothing authentic to be found there, apart from the hot springs. After our hike we had to wait for an hour before our guide arrived, after which he needed another half-hour to apply some structure to his own chaos. In bad English he escorted us to our hostels, where he made up the groups per room at the spot. It was a miracle that the couples ended up in the same room… Nothing made us believe that he realised that he works with people for whom it is a once-in-a-lifetime experience. Or perhaps he did, due to the conveyer belt like level of service, similar to the Cambodian phones of Samcung Gaiaxy. In a cockroach filled restaurant we had our cheap dinner before we went to bed.

In the early morning (4:00h) we were served breakfast and we could start our hike to Machu Picchu, which would open its gates at 6:00h. At that time we did not know that the bridge over the river would not open before 5:00h. Because we were so early, we were almost in the front of the ever growing line. All of this in the dark.

The hike uphill and the surroundings reminded me of the video game Far Cry, with the difference that you did not have to shoot anybody. The bridge opened when you showed the correct papers and off you went. The path was a serious climb of 500 altitude meters, 4 kilometres long, with hundreds of other hikers heavily breathing in your neck. A fair half-hour later you could hear somewhere far below you the ominous roaring of the first busses (for which you had to wait hours as well) slowly making their way uphill, too. The only thing you could distinguish far down was the illuminated bridge and the headlights of the busses shining through the trees. Above you could see the silhouettes of the mountain tops; a beautiful sight. At the same time it made you realise that you had to climb a lot more… Meanwhile a strange combination of competition and solidary grew; everybody knew that the sooner you reached the top, the higher the chance that you realised the ultimate goal, being a photo of MP without other people. At the other hand the first ones knew that you could enjoy this moment together with the fellow early birds. That you can find this on Google does not really matter apparently. Shortly before 6 we were amongst the first 20 people waiting to pass the gates. When the doors opened and we were on our way to the place we all knew too well from the hundreds of pictures we have seen before, the suspension was build up perfectly by the trees blocking the view during your final ascent. And there it was: the lost Inca town Machu Picchu. In an elevated mood (pun intended) the fellow early birds made pictures of themselves and each other.

After that we waited for 45 minutes for the sunrise, accompanied by the first flood of people who like us picked this very date the visit Machu Picchu. And that is a lot of people. Two hours later the ruins were filled with visitors and their guides, recognisable by coloured flags. While we made our way out of the site at 10:30h, the real stream of visitors started. But we were on our way to the fake village down, to order a bad meal for too much money.

Machu Picchu is incredible and the scenery breath-taking, but the industry around this site makes you think you are in Disney World more than on a historical-archaeological site. 2500 people a day is simply too much; for starters because this historical city is very vulnerable, maybe not even suited for mass tourism. The 500 people allowed to do the original Inca trail a day, should be the only ones that can visit the place. That hike is tough and makes the experience much more authentic, so I have heard. Perhaps together with one alternative route. The people working in the tourist industry realise that the vast majority of the visitors will do this only once, so they cannot be bothered by providing good service and a unforgettable experience. Until TripAdvisor gets more exposure than it already does, which hopefully normalises this industry a bit.

Geen opmerkingen:

Een reactie posten